Loading...

Meng in een grote kom de 400 gram bloem, 50 gram suiker, 7 gram gist en een snufje zout. Roer goed door elkaar.

Voeg 150 ml lauwwarme melk, 1 ei en 50 gram zachte boter toe aan de droge ingrediënten.

Kneed het mengsel (bijvoorbeeld in een standmixer) tot een glad deeg ontstaat.

Dek het deeg af met plasticfolie en laat het 1 uur rijzen op een warme plaats.

Terwijl het deeg rijst, snipper 1 ui, hak 2 teentjes knoflook fijn en snijd 1 rode paprika in kleine stukjes. Snijd 400 gram kipfilet in blokjes.

Verhit wat olie in een pan. Voeg de gesnipperde ui, gehakte knoflook en gesneden rode paprika toe aan de pan en fruit tot ze zacht zijn.
Voeg de in blokjes gesneden kipfilet toe aan de pan en bak tot deze niet meer rauw is.

Roer 3 eetlepels sambal, 4 eetlepels ketjap manis en 100 ml water erdoor. Laat het mengsel sudderen.

Meng in een kleine kom 2 eetlepels maïzena met 2 eetlepels water om een papje te maken.

Voeg het maïzenapapje toe aan het sudderende kipmengsel en roer tot de vulling dikker wordt.

Schep de vulling over in een kom en laat deze volledig afkoelen.

Zodra het deeg is gerezen, duw je het voorzichtig naar beneden om de lucht eruit te laten.

Verdeel het deeg in 12 gelijke stukken.

Neem één stuk deeg en rol het plat uit.

Plaats een lepel van de afgekoelde kip-sambalvulling in het midden van het uitgerolde deeg.

Vouw de randen van het deeg voorzichtig over de vulling en knijp ze samen om te sluiten, zodat een broodje ontstaat. Plaats het gevormde broodje met de naad naar beneden op een bakplaat bekleed met bakpapier. Herhaal dit voor alle 12 stukken deeg.

Klop in een kleine kom 1 eigeel en 1 eetlepel melk door elkaar om een eistrijksel te maken.

Bestrijk de bovenkant van de gevormde broodjes royaal met het eistrijksel.

Bestrooi elk broodje met sesamzaadjes.

Verwarm de oven voor op 180 graden Celsius.

Bak de broodjes 15-20 minuten, of tot ze goudbruin en gaar zijn.

Serveer warm en geniet!


Meng in een grote kom de 400 gram bloem, 50 gram suiker, 7 gram gist en een snufje zout. Roer goed door elkaar.

Voeg 150 ml lauwwarme melk, 1 ei en 50 gram zachte boter toe aan de droge ingrediënten.

Kneed het mengsel (bijvoorbeeld in een standmixer) tot een glad deeg ontstaat.

Dek het deeg af met plasticfolie en laat het 1 uur rijzen op een warme plaats.

Terwijl het deeg rijst, snipper 1 ui, hak 2 teentjes knoflook fijn en snijd 1 rode paprika in kleine stukjes. Snijd 400 gram kipfilet in blokjes.

Verhit wat olie in een pan. Voeg de gesnipperde ui, gehakte knoflook en gesneden rode paprika toe aan de pan en fruit tot ze zacht zijn.
Voeg de in blokjes gesneden kipfilet toe aan de pan en bak tot deze niet meer rauw is.

Roer 3 eetlepels sambal, 4 eetlepels ketjap manis en 100 ml water erdoor. Laat het mengsel sudderen.

Meng in een kleine kom 2 eetlepels maïzena met 2 eetlepels water om een papje te maken.

Voeg het maïzenapapje toe aan het sudderende kipmengsel en roer tot de vulling dikker wordt.

Schep de vulling over in een kom en laat deze volledig afkoelen.

Zodra het deeg is gerezen, duw je het voorzichtig naar beneden om de lucht eruit te laten.

Verdeel het deeg in 12 gelijke stukken.

Neem één stuk deeg en rol het plat uit.

Plaats een lepel van de afgekoelde kip-sambalvulling in het midden van het uitgerolde deeg.

Vouw de randen van het deeg voorzichtig over de vulling en knijp ze samen om te sluiten, zodat een broodje ontstaat. Plaats het gevormde broodje met de naad naar beneden op een bakplaat bekleed met bakpapier. Herhaal dit voor alle 12 stukken deeg.

Klop in een kleine kom 1 eigeel en 1 eetlepel melk door elkaar om een eistrijksel te maken.

Bestrijk de bovenkant van de gevormde broodjes royaal met het eistrijksel.

Bestrooi elk broodje met sesamzaadjes.

Verwarm de oven voor op 180 graden Celsius.

Bak de broodjes 15-20 minuten, of tot ze goudbruin en gaar zijn.

Serveer warm en geniet!
